MEISE, 4 september 2026 – Zijn we ons paradijs definitief kwijtgeraakt, of beleven we na twee eeuwen een nieuwe renaissance in de relatie tussen mens, bouwkunst en natuur? Van 5 september tot en met 25 oktober 2026 is in Plantentuin Meise de spraakmakende tentoonstelling 'Paradise Lost? 200 jaar visie op natuur en architectuur' te zien. Aan de hand van het iconische oeuvre van hofarchitect Alphonse Balat, de leermeester van Victor Horta, onderzoekt de expo de invloed van de 19de-eeuwse glazen revolutie op kunstenaars en de hedendaagse architectuur. Een zoektocht naar een nieuwe groene biotoop.
Een moderne Tuin van Eden
In de 19de eeuw zorgden wetenschappelijke ontdekkingsreizen en de Industriële Revolutie voor een radicale omwenteling in de serrebouw. Nieuwe materialen zoals gietijzer en glas stelden botanici, ingenieurs en architecten in staat om traditionele architecturale grenzen met bravoure te doorbreken. Ze bouwden steeds hoger, lichter en grandiozer om kwetsbare, exotische flora te beschermen. Het resultaat? Een glazen droomwereld — een moderne Tuin van Eden. Was het uit wetenschappelijke verwondering, statusdrang, mode of handelsgeest?
Centraal in dit verhaal staat Alphonse Balat (1818-1895), meester van ijzer en glas. Hij was hofarchitect van koning Leopold II en de leermeester van Victor Horta. Zijn ingenieuze, puur gevormde bouwwerken — zoals de historische Balatkas in Meise en de Koninklijke Serres van Laken — vormden samen met het Crystal Palace het absolute hoogtepunt van de serrebouw in Europa